Vertalingen uit het Portugees

Hoofdstuk 37

bloemenguirlande002Hier ziet u, hoe deze jonge maagd verliefd werd op Binmarder. Het had alle schijn van een vooropgezet plan, want beide begonnen van elkaar te houden in de schaduw van medelijden. Beide zouden op één en dezelfde manier aan hun einde komen en zo zijn ze allebei op één manier begonnen. Toen ze eenmaal vastbesloten was, kreeg Aónia geen rust meer. Hij kwam altijd in de buurt van het paleis, dat wonderbaarlijk prachtig gebouwd werd. Wetende dat hij daar altijd rondliep, placht Aónia naar een hoog aangebrachte lichtkoker in haar slaapkamer te klimmen. Ze zag hem met de ogen van haar verlangen en met de vastberadenheid die ze bereikt had. Hij kwam dus op haar over zoals hij was, maar ook zoals zij wilde dat hij was. Terwijl ze enige tijd geheel volgens haar geestdrift naar hem stond te kijken, kreeg ze de gelegenheid hem goed in zich op te nemen, omdat hij peinzend als hij placht te zijn, zijn gezicht soms naar de lichtkoker en soms naar de grond richtte.

Maar na nogal een tijdje kon ze het niet meer uithouden zelf niet door hem gezien te worden en deed alsof ze met iemand binnen in haar kamer sprak, waarop Binmarder opkeek en haar zag. Hij raakte buiten zichzelf, zo leek het. Hij liet zijn staf vallen. Aónia putte moed uit die opwinding die ze goed had gezien en bleef nog even staan. Maar ze kon niet zover gaan, dat het natuurlijke schaamtegevoel, jonge maagden eigen – ze was nog jong en werd goed bewaakt – het aflegde tegen haar verlangen en ze trok zich van de lichtkoker terug. Maar ze was nog niet helemaal beneden of ze klom opnieuw omhoog om te kijken of hij al gegaan was en ging daarna weer naar beneden. En ze had nog opnieuw willen kijken, en nog een keer. Maar ze kon zichzelf niet zover krijgen dat ze deed wat ze niet mocht doen.dreigendelucht

De avond van die dag kwam voor Aónia vroeger dan welke avond ooit gekomen was. God weet hoe ze die middag is doorgekomen. Maar ik wil hier niet veel vertellen van wat men zoal uit liefde doet, want die dingen mogen niet gezegd worden. De oude eerzame min, die vermoedens had en de onrust van Aónia begreep – want voor wie goed op haar lette, was ze erg veranderd – was droevig en gedeeltelijk ook een beetje geërgerd met zichzelf omdat zij het was die haar van hem verteld had, wat het nog erger maakte. Gedurende het avondmaal kon ze niet eten. Maar eenmaal terug in die kamer met de lichtkoker, waar ze sliepen, begon de min haar pupil te verzorgen zoals ze gewoon was en omdat ze aan een nieuwe smart leed, wilde ze een lied zingen.

Copyright: Ruud Ploegmakers
Naar hoofdstuk 38

(c) Ruud Ploegmakers 2017