Vertalingen uit het Portugees

Hoofdstuk 42

gemepte1Me dunkt, zei mijn vader, dat Binmarder nooit had kunnen bevroeden dat uit het weinige wat er tussen hen beide was gebeurd zoveel zou voortkomen. Maar dit weinige verschafte hem al zekerheid, zo meende mijn vader opnieuw, want het lot speelt in alles de grootste rol en wie niets anders dan het lot heeft, hoeft niets meer te doen. Zo gebeurde het dat Binmarder in de avond onder de lichtkoker ging staan, zoals hij de vorige avond ook had gedaan. Hij hoorde dat ze gingen slapen. Een flinke tijd later, hij wanhoopte al, hoorde hij zachtjes lopen als van iemand die naar de lichtkoker liep. Hij spitste al zijn zintuigen en hoorde iemand naar boven klimmen. Hij geloofde niet dat het was wat hij hoopte – zoals meer gebeurt, wanneer je vol verwachting en verlangen naar iets uitkijkt – en vreesde eerder een ramp. Hij bukte snel en bleef onderaan de lichtkoker staan. Aónia lichtte de doek op en in de duisternis zag ze niemand. Maar toch bleef ze zo een tijdje staan en begon te wanhopen omdat ze niets hoorde.

Toen ze weer naar beneden liep, zei ze: ‘Ik denk dat het alleen bij woorden gebleven is.’
Binmarder herkende haar in deze woorden en zei: ‘Nee, dat is niet zo en zal nooit zo zijn!’ en hij klom snel naar de lichtkoker. En ook zij wist door het klimmen dat hij het was en voordat hij aankwam en iets kon zeggen, zei zij: ‘Heel zachtjes, anders bent u me kwijt.’
Hierop begon het dochtertje van Belisa te huilen en werd de min wakker. Deze begon het meisje te wiegen en zong een liedje en toen het kleine meisje niet ophield te huilen, stond de min op en zei:
‘Ik weet niet of ik licht vind, maar dit kleintje voelt iets.’ Meteen daarop deed ze de deur van het vertrek open en ging bij een andere vrouw licht halen.

Aónia zag geen oplossing meer en wilde snel naar beneden klimmen. Tevoren hield ze haar gezicht heel dicht bij de lichtkoker en zei: ‘U moet gaan, want zo kan het niet!’
‘Van u kan ik niet zomaar weggaan,’ antwoordde hij met trillende stem. Zij kreeg medelijden met hem en kon de verleiding niet weerstaan om hem ter bemoediging een teken van zichzelf te geven door de doek die als bedekking van de lichtkoker diende los te maken. Ze zei:
‘Door wat ik voor u gedaan heb, zult u weten wat ik u wilde zeggen! Vergeef me, maar ik kan u alleen maar tevreden stellen door deze doek los te maken.’ Ze liet de doek los en klom snel naar beneden, ruimde alles snel op en toen de min weer terugkwam, trof deze haar in bed aan.

geschondenzand

Copyright: Ruud Ploegmakers
Naar hoofdstuk 43

(c) Ruud Ploegmakers 2017