Vertalingen uit het Portugees

Hoofdstuk 58

rose-13Dus kwam Avalor overeind en toen hij zich op de reis wilde voorbereiden, kwamen ze hem in grote haast roepen, want het moment van vertrek was al nabij. Aldus was Avalor gedwongen op dat moment slechts naar de stadspoort te gaan en daarna weer terug te gaan om zich volledig uit te rusten voor de reis en enkele dingen af te maken die hij nog moest doen. Maar deze beslissing viel voor hem op een andere manier uit, zoals alles wat in hem is.

Toen hij aankwam, zat jonkvrouw Arima al op een muilezel en hij was er nog maar net, of zij had hem al gezien en met haar goede manieren begon ze hem welkom te heten. Avalor benaderde haar met grote eerbied en zij ontving hem hartelijk door hem te zeggen, dat ze nieuws over hem had. Avalor antwoordde haar dat dat nieuws niet over hem kon zijn, want van hem was er niet veel nieuws te vertellen. Hierop zette de koningin zich in beweging en startte de optocht.

En hier gebeurde veel dingen die mij niet te binnen schieten, behalve dan dat Arima iets had ontdekt over de onterfde dame. Avalor ontkende het niet, want hij kon het haar niet verheimelijken; zij stelde zich geheel aan zijn kant op en uit medelijden met hem beloofde ze, dat ze voorzover ze iets kon doen, ze dat uit goede wil zou doen. Immers als hij tevreden was, zou zij zich ook beter voelen.

Zij bood hem dit alles aan terwijl ze met de bevalligheid en de ongekunsteldheid sprak die men in die tijd van haar heeft gezien. Maar zij deed dit met haar ene doel voor ogen, terwijl het aanbod zelf ook een ander perspectief had, want Avalor zag alles aan met zijn blik en legde het in zijn ziel en in zijn hart vast. En wanneer zij het ene zei, knoopte hij meteen in zijn oren hoe ze het gezegd had, en zei ze weer iets anders, dan knoopte hij dat weer in zijn oren.

Zo legde hij de hele tocht af en zo gingen ze beide en hij werd verliefd op alleen haar. En was hij alleen maar opgestapt om tot de rand van de stad te gaan, hij raakte veel verder, zelfs buiten zichzelf. Hij merkte dat pas toen hij zichzelf aantrof met de dagtocht al in zijn geheel afgelegd, nl. toen hij vaststelde dat Arima afscheid van hem wilde nemen, anders was het hem helemaal niet opgevallen. Maar zij wist ook, dat hij niet de kleding droeg voor een zo lange reis en zei hem:
‘Het ziet ernaar uit, Avalor, dat u niet op zo’n lange reis gerekend had.’
rose-06

Copyright: Ruud Ploegmakers
Naar hoofdstuk 59

(c) Ruud Ploegmakers 2017